'Wat is het antwoord? En waarop?’ Vijftien jaar na Jeroen Mettes’ N30

Stichting Perdu - Poster Jeroen Mettes Perdu Avonden
05 jun om 20:00 | zaal open 19:30 | entree vanaf €10,00 | taal: Nederlands |
Avond
Perdu programma
Avond
Nederlandstalig

‘De taal van de dichter is de taal van de gemeenschap, welke die ook moge zijn.’
– Octavio Paz

Vijftien jaar na het oorspronkelijke verschijnen van N30 van dichter Jeroen Mettes biedt de recente heruitgave bij het balanseer een aanleiding om de balans op te maken van de invloed van zowel de dichter als zijn monumentale werk. Sinds de verschijning heeft N30 een bijzondere plaats ingenomen binnen de Nederlandstalige poëzie: als referentiepunt voor een generatie die ermee opgroeide en als blijvende uitdaging voor dichters die daarna kwamen. Hoe heeft dit werk zich door de tijd heen verplaatst tussen generaties? Op welke manieren blijft het nieuwe lezingen en vormen van schrijven uitlokken?

Wat is het antwoord? En waarop? beoogt geen monument voor Mettes of N30 op te richten, maar richt zich op de overdracht en het gemeenschapsvormende karakter van het werk. Of zoals dichter Çağlar Köseoğlu het omschreef:’het intergenerationele middels affiniteit.’ Een beweging waarin verwantschap niet vastligt, maar telkens opnieuw ontstaat in het lezen en schrijven.

Om deze dynamiek zichtbaar te maken, zijn drie dichters die tot de eerste lezers van N30 behoorden uitgenodigd om elk een andere dichter te selecteren met wie zij een verwantschap ervaren. Vanuit een gekozen thema of hoofdstuk uit N30 ontwikkelen deze duo’s nieuw werk, waarin de echo’s van Mettes’ tekst zich vermengen met hedendaagse stemmen.

Met bijdragen van Çağlar Köseoğlu, Benjamin De Roover, Hannah van Binsbergen, Myrthe Prins, Frank Keizer en Dewi de Nijs Bik.

Het programma is samengesteld door Lars Meijer en Jarmo Berkhout. Deze Avond is mede mogelijk gemaakt door steun van het Lira Fonds.

Çağlar Köseoğlu is dichter en docent op de universiteit. Zijn gedichten verschenen onder meer in nY, Samplekanon, Cabaret Wittgenstein, de Revisor en Kunsttijdschrift Vlaanderen. Na zijn chapbook 34, verscheen zijn debuutbundel, Nasleep, bij uitgeverij het balanseer in 2020.

Benjamin De Roover studeerde in Gent en was jarenlang betrokken bij Auw La, een studentenvereniging voor poëzie en spoken word. Gedichten van hem verschenen onder meer in Samplekanon, Kluger Hans, Deus Ex Machina en Het Liegend Konijn. Hij is redacteur bij tijdschrift Flemish Review de la Poëzie en werkt als boekhandelaar. In de zomer van 2023 nam hij deel aan de schrijfresidentie van deBuren in Parijs. In 2024 werd zijn werk geselecteerd voor Vers van het mes.

Hannah van Binsbergen begon haar schrijverschap met een dichtbundel en een roman die beschouwd kunnen worden als werken over de crisis van collectiviteit. In 2022 bracht ze Kokanje uit, waarin ze in poëzie een uitweg uit die crisis formuleert. Ze werkt nu aan een voortzetting van dit project in proza, dat vermoedelijk verschijnt in 2026.

Myrthe Prins is schrijver, japanoloog, journalist en boekverkoper. Haar werk verscheen onder meer in nY en werd bekroond met de publieksprijs van de erotische schrijfwedstrijd Het Rode Oor.

Frank Keizer is dichter en essayist. Zijn laatste dichtbundel De introductie van het plot (2022) werd genomineerd voor De Grote Poëzieprijs en de Ida Gerhardt Poëzieprijs. Hij verstuurt zonder enige regelmaat een nieuwsbrief onder de titel “De eenmanswerkgroep.” Een selectie uit het dagboek dat hij hier bijhield werd in 2023 gepubliceerd bij Kwakman & Smet onder de titel In en uit de oliestoel. Hij woont in Brussel.

Nadia de Vries is schrijver en cultuurwetenschapper. Haar debuutroman De bakvis (2022) haalde de longlist van de Boekenbon Literatuurprijs en werd vertaald naar het Engels (Thistle, Sarah Timmer Harvey, 2024). Haar tweede roman Overgave op commando (2025) stond op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. Daarnaast schreef De Vries het essay Kleinzeer (2019) en de novelle Magenta (2025). Naast haar Nederlandstalige werk schreef ze meerdere Engelstalige poëziebundels: Dark Hour (2018), I Failed to Swoon (2021) en Know Thy Audience (2023) en All My Dead Jesters (2026). Haar poëzie is vertaald naar het Pools, Lets en Roemeens.

Dewi de Nijs Bik debuteerde in 2023 als dichter en heeft een achtergrond in moderne Nederlandse letterkunde en Comparative Literature. In haar debuut Indolente gaat ze op zoek naar een taal die het gedeelde verleden tastbaar maakt – onderweg dient zich een onverwachte geschiedschrijver aan: de oester. De bundel werd genomineerd voor De Grote Poëzieprijs, de Herman de Coninckprijs en de C. Buddingh’-prijs.